 |
Als uw pleegkind op verzoek en/of met toestemming van zijn ouders bij u woont, heet dit een vrijwillige plaatsing. Bij vrijwillige pleegzorg hebben de ouders van uw pleegkind de verantwoording (ouderlijk gezag) over de opvoeding en verzorging van hun kind, uw pleegkind. Er is géén sprake van een opgelegde (justitiële) maatregel. U neemt als pleegouder dagelijks beslissingen, die feitelijk alleen door de ouders genomen kunnen worden. Bij kleine beslissingen kan die toestemming zonder problemen worden ‘verondersteld’. In de praktijk kan de toestemming veelal verondersteld worden, tenzij de ouders duidelijk hebben aangegeven geen toestemming te geven (bijvoorbeeld het deelnemen aan een sportclub na schooltijd, het kopen van kleding, veranderen van haardracht, etc.). Bij grotere beslissingen hangt het van de situatie af of eerst toestemming aan de ouders gevraagd moet worden of dat de toestemming van de ouders verondersteld mag worden. Voor grote beslissingen hebt u altijd toestemming van de ouders nodig (O.a. Medische behandeling, schoolkeuze, op vakantie gaan, piercing, besnijdenis etc).
Geven de ouders geen toestemming (of zijn ze niet bereikbaar), dan mag de handeling niet worden uitgevoerd !
Het is mogelijk dat een kind onder voogdij staat van een natuurlijk persoon, maar met toestemming van die voogd in uw pleeggezin woont. Deze voogd (oom, tante, opa, oma enz.) heeft de verantwoordelijkheid (voogdij) voor uw pleegkind en delegeert de opvoeding en verzorging aan u, de pleegouder. Doordat de voogd de verantwoording draagt, is hij rechtstreeks aanspreekpunt. Zonder (veronderstelde) toestemming van de voogd mag u geen belangrijke beslissingen nemen ten aanzien van uw pleegkind. De ondertoezichtstelling, kortweg OTS, is een maatregel waarbij het gezag van de ouders over hun kind wordt beperkt. De ouders (of voogd, natuurlijk persoon) behouden het gezag en de verantwoordelijkheid voor hun kind, maar moeten zich gedragen naar de aanwijzingen van de gezinsvoogdij-instelling. Uw pleegkind is met toestemming (machtiging uithuisplaatsing) van de rechter bij u geplaatst. De gezinsvoogd houdt toezicht en beoordeelt samen met de ouders welke weg gevolgd zal worden om uw pleegkind een evenwichtig bestaan te geven. De OTS en machtiging voor uithuisplaatsing kunnen maximaal voor een jaar worden opgelegd en steeds met maximaal een jaar worden verlengd. OTS en machtiging vervallen wanneer uw pleegkind 18 jaar wordt. Er is voor een OTS (met een uithuisplaatsing) altijd een machtiging van de rechter nodig, ook al zijn de ouders het ermee eens.
Als pleegouder bent u ‘slechts’ de uitvoerder van opvoedbeslissingen die de ouders in overleg met de gezinsvoogdij-instelling nemen. U moet op dezelfde manier als bij een vrijwillige plaatsing om toestemming vragen voor grote en kleinere beslissingen rondom uw pleegkind. U kunt deze toestemming via de gezinsvoogd vragen. De gezinsvoogd bespreekt de aanvraag met de ouders en heeft de mogelijkheid om een (schriftelijk) aanwijzing aan de ouders te geven (bijvoorbeeld bij schoolkeuze). Ouders zijn verplicht deze aanwijzingen op te volgen. Zonder toestemming van de ouders mag u niet handelen.
De OTS vervalt wanneer uw pleegkind meerderjarig wordt of wanneer niemand vraagt om verlenging van de OTS. Wanneer de ouders worden ontheven of ontzet uit de ouderlijke macht, wordt de OTS omgezet in een voogdij maatregel. De voogdij-instelling (plaatser) heeft de verantwoordelijkheden (ouderlijk gezag) van de ouders overgenomen en de verzorging en opvoeding aan u, pleegouder, gedelegeerd. De ouders hebben geen zeggenschap meer over hun kind, ze zijn ontheven of ontzet uit het ouderlijk gezag. Doordat de instelling nu de verantwoording draagt, is zij ook rechtstreeks aanspreekpunt voor u geworden. Over belangrijke beslissingen moet u met de voogd overleggen. Zonder (veronderstelde) toestemming van de voogd mag u geen beslissingen ten aanzien van uw pleegkind nemen. Als een kind dat opgevoed wordt door een voogd (natuurlijk persoon), door omstandigheden, onder toezicht gesteld wordt en uithuisgeplaatst is er sprake van een OTS plaatsing. Wordt de voogd (natuurlijk persoon) ontheven of ontzet, dan is er sprake van een voogdijplaatsing. U kunt, als pleegouder(s) zelf de voogdij overnemen over uw pleegkind (zie voogdijoverdracht). U hebt dan dezelfde verantwoordelijkheden als een ouder die het gezag heeft over zijn kind.
|
 |